Dier & plant

Waarom zijn bacteriën zo klein?

Feline, 6

Om bacteriën te kunnen zien, heb je bijna altijd een microscoop nodig. Ze zijn te klein om ze met je eigen ogen waar te nemen. Waar komt dat door?

Van veel naar weinig

Dat heeft vooral te maken met de manier waarop bacteriën eten en ademen. Wanneer jij iets eet, gaat dat eten langs een aantal organen die het voedsel kleiner maken. Zo ontstaan kleine, voedzame stofjes die je bloed kan opnemen. Via je bloedvaten gaan die stofjes dan je hele lichaam door.

Bacteriën hebben geen organen of bloed. Ze eten en ademen via iets dat met een moeilijk woord diffusie wordt genoemd. Daarbij reizen stoffen van een plek met veel deeltjes naar een plek met weinig deeltjes. Als er buiten de bacterie bijvoorbeeld veel suiker of zuurstof is en in de bacterie weinig, dan worden de suiker en de zuurstof vanzelf de bacterie in ‘getrokken’.

Langzame stofjes

Maar bij diffusie bewegen de stofjes heel erg langzaam. En dan is het niet zo handig om groot te zijn. Dan duurt het veel te lang voordat die suiker en zuurstof door het lijf van de bacterie zijn verspreid. Het wezentje zou doodgaan.

De grootste bacterie

Beeld: © Olivier Gros/Université des Antilles

Grootste bacterie

Niet alle bacteriën zijn trouwens zo klein dat je ze met het blote oog niet kunt zien. De grootste bacterie die we kennen, zie je hierboven op de foto. Die is 2 centimeter – bijna even groot als een 1 euromunt!

Deze mega-bacterie leeft in de Caribische mangroves; bossen die heel ver van Nederland vandaan liggen. Je zou tien uur moeten vliegen om daar te komen. En misschien is dat maar goed ook: het lijkt ons best spannend om zo’n grote bacterie te zien…

Beantwoord door Naomi Vreeburg